Over taal in wetenschap, media en filosofie

dagboek 30 januari 2021

Er is in de wetenschapsfilosofie weinig zo eufemistisch dan de gedachte dat de waarneming theorie geladen is, veeleer is het zo dat de waarneming gevormd wordt door de taal die we spreken. Er zijn weinig zaken zo evident dat de levende natuur zich ontwikkeld door middel van middel tot doel; het hele lichaam is een gereedschapskist van middel tot doel, kijk in de huiskamer hoe alle aspecten gevormd zijn door middel tot doel, loop door de straten, er is niets dat zich onttrekt aan de vorming door middel tot doel, en al die zaken lijken betrekking te hebben op nut en esthetica. Oefen een maand door de bril af te zetten van oorzaak en gevolg en kijk hoe de bril van middel tot doel en zie hoe de waarneming veranderd. Het denken functioneert niet anders dan dit; de denk inhouden die we terug vinden in de materie is het gevolg van middel tot doel. Iedere natuurwetenschapper weet dat een theorie moet voldoen aan de eis van een goede beschrijving en het vermogen tot voorspellingen te kunnen doen met betrekking tot het gedrag van materie. En zou niet iedere wetenschapper moeten erkennen dat je de wereld evengoed kunt beschrijven door middel tot doel? Friedrich Nietzsche heeft voor zover ik weer dit nooit expliciet uitgedrukt, maar dit moet ongeveer wel zijn waarneming zijn geweest. Bekijk het eens vanuit het theoretische kader van de evolutietheorie, hoeveel doet deze vorm van waarnemen meer recht aan het Darwinisme? Is de hedendaagse Darwinist niet eigenlijk een anti Darwinist, wil het niet elk toeval uitsluiten? Maar is de strijd om het bestaan in de eerste plaats doel in zichzelf? En ontstaat daaruit niet in de eerste plaats  differentiatie plaats waaruit diversiteit ontstaat?

In veel zaken was Friedrich Nietzsche zijn tijd ver vooruit, zo ook als het gaat om het historisch bewustzijn. We dienen hier te beseffen dat geschiedschrijving op grond van wetenschappelijke methodiek nog in de kinderschoenen stond; en dat staat het nog steeds! Historisch besef is een curiositeit van de moderne mens, de moderne kuddedier; de linkse rode gifwormen houden u voor dat u vooral voor onze geschiedenis dient te schamen (en is dit niet het grootste bewijs dat we met de socialist de protestantse christen van weleer van doen hebben?), de neoliberale en nationalistische gifwormen houden u voor dat u vooral trots moet zijn op onze geschiedenis. Is het perspectief historisch bewustzijn van beide kleuren gifwormen niet in de eerste plaats de gevangenis waarin het individu binnen de kudde wordt gehouden? Bloss zeigen wie er gewesen ist; elke geschiedschrijving is een vervalsing waarin overtuigingen het verleden invullen, historisch bewustzijn? Historische stupiditeit zou ik het in de eerste plaats willen noemen! Laten weer eens kijken hoe overtuigingen verbonden zijn aan de doelmatigheid dat in elk aspect van de levende natuur aanwezig is. Van welke soort imbeciliteit getuigen de historici niet om zichzelf de allereerste vraag te stellen met betrekking tot historisch bewustzijn; met welk een be-doel-ing? We zijn zo trots op onze logica en rationaliteit dat we het niet voor mogelijk willen houden dat het onze instincten zijn dat spreekt, dat het ik een marionet is van het lichaam zelf; en wat is het ik anders dan een fantoom?

‘Ik wil steeds meer leren, het noodzakelijke als het schone beschouwen:-zo zal ik een van diegenen zijn die de dingen schoonheid verlenen. Amor fati, dat zal van nu af aan mijn liefde zijn! Ik wil geen oorlog voeren tegen al wat lelijk is” (Friedrich Nietzsche, Vrolijke wetenschap)

Er zijn nogal wat filosofen geweest die meende dat Friedrich Nietzsche een universalist was. Soms krijg je wel eens het idee dat filosofen de boeken van Nietzsche van achter naar voren lezen; in de waardebepaling zijn wij vrij! Causa sui mag Nietzsche dan ontkend hebben, causa prima zeer zeker niet! Centrale vraag is hoe maken we deze waardebepaling vrij? De natuur toont ons dit; de esthetica en heb het nutteloze lief! In het nutteloze en de esthetica maken we ons vrij van nut en kunnen we aan het noodzakelijke van de dingen schoonheid verlenen. Een ietwat vrije interpretatie van de tekst; echter Nietzsche heeft je nooit gezegd dat het individu voor de eeuwigheid leerling van hem moest blijven. Dan doen alleen idealisten, universalisten, die menen de wijsheid en representatie van autoriteit, deskundigheid en waarheid voor de eeuwigheid te hebben. Het noodzakelijke aan de dingen, de universele beginselen van de levenloze natuur, pas als ik daartoe ben doorgedrongen kan ik schoonheid verlenen aan de dingen; heeft het kuddedier en de Newtoniaans wetenschapper zichzelf niet gereduceerd tot een levenloos ding?

Toch moet mij een belangrijke vraag van het hart; kan iets meer of minder leven? Ik bedoel als het leven uit de levenloze natuur is ontstaan, is het dan niet gerechtvaardigd om je af te vragen of iets meer of minder kan leven? Dit is bepaald geen ver van de wetenschappelijke bed vraag; denk maar eens over het debat of virussen met RNA tot leven gerekend moet worden? De meest heldere definitie van leven is die van de NASA, maar er is geen definitie sluitend. Het Cartesiaans dualisme had in beginsel het dier tot een machine gereduceerd, en hoe lang heeft dit discours niet doorgewerkt; tot aan de hedendaagse varkensstallen aan toe? De vraag die ik mij stel is geen gevoelsvraag maar van mechanistische aard, de vraag is geen ontkenning van het gegeven dat een dier van dezelfde aard is als ikzelf; voorzichtig geformuleerd, leiden de evolutionaire aanpassingen ertoe dat we minder bepaald zijn, en andersom dat we meer onbepaald zijn, dat zoiets als vrijheid een evolutionair proces is en dat ik premier Rutte niets liever een kogels door zijn kop zou willen schieten omdat dit gespuis in veertig jaar tijd dit vrije land omgeturnd heeft tot een tbs kliniek met op de voorgevel ‘arbeit macht frei’? Het excuus aan de Joodse gemeenschap op 4 mei afgelopen jaar was één van het meest misplaatste excuus wat een premier van dit land ooit heeft kunnen maken. Hij had zijn excuus niet moeten maken voor hetgeen in de oorlog is gebeurd, maar voor hetgeen na de oorlog is gebeurd! Nu zijn er nog een paar overlevende, nu er nog maar een paar over zijn kunnen we wel ons excuus veroorloven! Het is maar een gedachte, het blijft een gedachte, maar het gevoel zal nooit veranderen; en dat is ook een overtuiging dat Nietzsche gehad moet hebben; er is niets mis met het gevoel, er is niets mis met het instinct, de problemen ontstaan pas als de taal erop betrokken wordt. Evolutie bestaat daarin dat er sprake is van wisselwerking tussen taal en instinct en juist daarom had Nietzsche de taal radicaal tot de oorsprong moeten reduceren; het dominante mannelijk dier. Het mannelijk dier kan zijn nageslacht alleen veilig stellen door de vrouw te monopoliseren. De oorsprong van ressentiment. Evenzo had hij de vergelijking kunnen trekken tussen het Westerse denken en de Islam dat dezelfde wortels heeft; waar de vrouw via de zijdeur de moskee mag betreden mag de natuur in het westerse denken de zijdeur van de Verlichting binnen! En heeft de Joodse god die zij allen niet in zich dragen het gepeupel niet beloofd dat de mens ooit over de natuur zal heersen, dat de natuur voor de mens is gemaakt? Welk ressentiment ligt er niet besloten achter de filosofie van de absolute geest? Had Hegel niet dat wat Kant tot voltooiing had gebracht, niet nog extra uitdrukking gebracht wat er in wezen in besloten lag? Absoluut dualisme? En wordt niet juist het bewijs geleverd door het totaal ontbreken van de vrouw in de westerse filosofie en die van de islam dat we met een vermannelijkte filosofie en instinct van doen hebben?