Over taal in wetenschap, media en filosofie

dagboek 26 januari 2021

Justitie en reclassering hebben smerig spel met mij gespeeld, dat is iets wat zeker is. Iedere jurist weet dat de wetgeving het individu moet beschermen tegen de meerderheid en volksgericht. En de jurist weet maar al te goed dat als het individu alleen staat men eveneens de wet niet hoeft toe te passen, dat weet
rechter Wijers-van der Marck maar al te goed. De vraag die vervolgens gesteld dient te worden hoe de reclassering te werk gaat? Hoe zorgen ze ervoor dat het individu in het sociaal isolement wordt gedrukt waardoor het individu buiten de communicatie wordt gehouden en niet meer door zijn medemens wordt gehoord? Na detentie in 2001 ben ik bij Riek van Ede langs geweest, ze vertelde mij dat ze op de hoogte was van de situatie, dat ze begreep dat ik in een situatie van waanzin was beland máár dat ze niet mocht zeggen. Ze heeft ook haar verhaal gedaan bij de rapportage van het Pieter Baan Centrum, haar verhaal staat dus zwart en wit op papier. Los daarvan wil mijn tante Alie van Ede niet meewerken aan dit onderzoek, maar verschijnt wel ineens in het verhaal, ze moest namelijk nog wel even iets kwijt. Ze zat dus bij het onderzoek van Riek van Ede. Nog opmerkelijker is wat ze allemaal over mij te vertellen heeft gehad; ik probeer mij voor te stellen dat een professioneel onderzoeker van het Pieter Baan Centrum dit heeft aangehoord zonder dat er vraagtekens in de persoon is opgekomen. Die vraagtekens waren er dus niet omdat in het Pieter Baan Centrum sprake was van behandeling. Hoe zou dit mogelijk kunnen zijn zonder toestemming van de rechterlijke macht? Zouden ambtenaren dit doen zonder overleg met de minister? Het lijkt mij redelijk duidelijk dat ik al sinds 2001 onder directe verantwoordelijkheid van de minister sta. Na detentie van tien jaar zonder vorm van proces is het ook niet verwonderlijk dat de reclassering als het gerecht van Kafka achter de schermen mij elke keer opnieuw in isolement moest zien te brengen; mijn familie en andere contacten, mijn werkgever de VBI Huissen, Frankrijk waar ik woonde de Centre de Partage en Lidwien Reuser, Huisarts de heer Bekkering, psycholoog de heer Timmermans, bedrijfsarts Stephan van Houtem, elke keer werd ik overruled in de strijd om het bestaan van de betekenis door de representatie van autoriteit, deskundigheid en waarheid de reclassering. Wat zijn al deze mensen anders dan kleine radartjes in een grote klok, waarvan de deskundigen er voor zorgen dat deze personen kleine radartjes blijven en zij overzicht hebben over de grote klok? Vanuit welke overtuigingen handelen al deze mensen? Zolang ik alleen sta, hoeft rechter Wijers-van der Marck de wet niet toe te passen, dus wat de rechterlijke macht doet is de reclassering inzetten om ervoor te zorgen dat ik in het isolement blijf. Tot op heden heb ik niets kunnen vernemen dat er contact is geweest tussen de hulpverlening van het Kruispunt en Stoelenproject; wat ik elke keer opnieuw ervaar is dat als de reclassering niet tussen de communicatie en mijn medemens inzit dat mensen een positief beeld over mij hebben wat ik ervaar in het feit dat ik veel goodwill zie en dat mensen mij echt proberen te helpen. Na detentie heb ik mijn leven op poten gezet, mooie woning, vaste baan, geld op de bank, sport, tuin en filosofie en dat is drie jaar geleden gewoon even kapot gemaakt door de reclassering door mij opzettelijk in een post traumatische stressstoornis te brengen. Francis vertelde mij al dat justitie mijn dossier niet kan afsluiten en dat kunnen ze inderdaad ook niet, los van het juridische aspect hebben ze natuurlijk te maken met mij ex-partner en mijn familie en andere betrokkenen. Een zaak kan twintig jaar duren als de reclassering de techniek maar weet om iemand buiten te sluiten, in het isolement te drukken, als je alleen staat hoeft de rechterlijke macht ook de wet niet toe te passen.

Ik ben bepaald niet de eerste de opmerkt dat de imaginaire orde van (straf)recht een eigen wereldje is waar je als burger niet of nauwelijks tussenkomt. Ik ben goed op de hoogte van mijn rechten, in principe kan ik het zonder advocaat goed zelf af. In ieder geval is helder dat juristen geen scrupules hebben wanneer in het eigen belang het leven van de burgers verwoest worden. Los van mijn leven is het leven van mijn ex-partner Annelieke Bennink eveneens verwoest. Mijn gelijk is daarin zeer simpel te bevestigen; iemand moet mij helpen de communicatie te herstellen tussen mij en mijn medemens. Alles draait om communicatie.

Ik had een vriendin Terry Pont in Frankrijk, daarmee diende ook het doel van de justitie en reclassering veranderd te worden; mijn ex-partner Annelieke Bennink verdween uit het verhaal in Frankrijk, juist de persoon waardoor deze hele kwestie is begonnen. In een vlaag van emotie riep Maarten; ‘je met het goedmaken met je familie’. Iets wat zeer vreemd was omdat hij daar in principe niets over kon weten. Het laatste gesprek met hem voordat ik weg ging naar Zweden was verschrikkelijk, het was niet mogelijk hem zover te krijgen om open met mij te communiceren, ook niet als ik hem erop wees dat hij mij aan het manipuleren was. Nee, hij zei zelfs dat enige vorm van manipulatie moet kunnen. Hij kon zich niet voorstellen dat ik uit ‘vrije wil’ de relatie met mijn familie verbroken had. Het probleem echter met manipuleren is dat ook voor de manipulerende geen dialoog ontstaat waardoor informatie wordt gedeeld en in perspectief wordt geplaatst. Ik heb deze situatie keer op keer kunnen waarnemen. Mensen, de levende natuur, is doelmatig, waarin het doel met psychiatrische stoornis wordt verbonden, zeker in emotionele kwesties zoals deze, streeft men naar een doel zonder zich af te vragen of het middel wel klopt, in dit geval psychiatrische stoornis. Zeker als je een leek bent verbind je je emotionele gevoel dat naar een doel streeft naar psychiatrische stoornis dit terwijl je daar niet eens deskundig toe bent. In dat geval hoeft de ‘deskundige’, in dit geval de reclassering de leek alleen nog maar psychiatrische stoornis in te fluisteren en je wordt door het natuurlijke gedrag van mensen zo buiten de communicatie gezet en is communicatie in het geheel niet meer mogelijk. En waarom is dit onderwerp niet bespreekbaar? Omdat vervolgens mijn wil moet worden gerespecteerd! Op het moment dat er open wordt gecommuniceerd ligt de regie ineens bij mij en is de ander de controle over de communicatie kwijt, vooral omdat ik toevallig over een grote dosis intelligentie, kennis en spreekvaardigheid beschik. Natuurlijk gedrag bij mensen is ook, dat heeft het Milgram experiment goed duidelijk gemaakt, dat mensen sneller geloof hechten aan autoriteiten. 

Het abstractum mens heeft de wereld om haar heen geschapen door middel van legen begrippen! Waar Friedrich Nietzsche hier precies zat is mij niet helemaal duidelijk, maar zelfs de filosoof met de hamer zal erkennen dat een hamer in beginsel een leeg begrip is. Je moet een filosoof met de moker zijn om eerst alle betekenis uit het begrip hamer te slaan en tot in de tenen te voelen dat het begrip hamer een leeg begrip is. Geen taaldeskundige die dat zal kunnen weerleggen. Pas na dit besef kunnen we ons gaan bezinnen hoe betekenis in het begrip hamer terecht is gekomen. Hoe is in het geval hamer betekenis in het begrip terecht gekomen? Dat is in dit geval niet zo moeilijk, het gaat om de praktische waarde als gereedschap dat als doel heeft spijkers in materiaal te kunnen slaan. De vraag is nu waarom we d enken dat het begrip inhoud heeft? Ja Richard, we kunnen het toch zien, we kunnen het aanraken, we kunnen het gebruiken, we kunnen het definiëren of omschrijven, hoe helder kan het zijn dat het begrip inhoud heeft? Allemaal waar, maar toch zijn het geen argumenten tegen de constatering dat het een leeg begrip betreft! De functie, het gereedschap met betrekking tot middel en doel is zelf imaginair! Onze fantasierijke geest, of liever, onze actieve materiële lichaam heeft de materie om ons heen gevormd naargelang ons nut en esthetische waarde. Is het ontstaan van het denken niet in de eerste plaats ontstaan uit nut en esthetica? De praktische strijd om het bestaan en de religie, waarbij het esthetische religieuze haar nut heeft gevonden in de samenlevingsverbanden van hiërarchie? Zo is ook de term Nederland een leeg begrip dat via historische overlevering betekenis heeft gekregen; en wat is het gekrakeel op de grote markt de tweede kamer anders dan een strijd om het bestaan van de betekenis de term Nederland? Het hele debat tussen rationalisme en empirisme wordt daarmee een zinloze discussie; het equivalentieprincipe tussen denkinhoud en empirie, ze bestaan op gelijkwaardige wijze! Waarom? Omdat onze denk inhouden direct terug te vinden zijn in de materie dan wel terug te vinden zijn in de taalgemeenschap. En wanneer gaan we de strijd om het bestaan van de betekenis stoppen? Als  de levende planeet aarde is opgesoupeerd? Laten we ons een gemeenschappelijk doel stellen!