Over taal in wetenschap, media en filosofie

Ter linker zijde van de Nederlandse kudde heerst een euforisch gevoel, een eclatante overwinning; ‘Zwarte piet is dood’. Een parodie op Friedrich Nietzsches ‘God is dood’. Maar elk links rechtgeaard wetenschaps- of taalfilosoof zou verontrust moeten zijn; met hoe weinig wetenschappelijk bewijs is deze overwinning verkregen?   Zou niet elke rechtgeaarde wetenschapper niet eerst voor de spiegel moeten gaan staan en erkennen; we voeren een strijd om het bestaan van de betekenis? Ik weet het nog goed toen de discussie begon; de socialist aarzelde, maar dit stukje aas was niet te weerstaan, de verleiding was niet te weerstaan, het middel van zwarte piet was te onweerstaanbaar om de doelen van gelijkheid en rechtvaardigheid na te streven. Had men maar naar onze linkse historicus Han ter Horst geluisterd! Alleen hij zag dat er in dit verleidelijk stukje aas een vreselijke haak verborgen lag! Hoe vernederend is een nederlaag naar een euforische stemming dat uiteindelijk een pyrrusoverwinning blijkt te zijn? 

Maar voor men denkt dat ik partij kies! Graag zet ik mijn stoel tussen de rode en blauwe gifwormen in. Wat heb ik met de diversiteitskudde kudde van doen waarin men aan het strijden is of God nu wit is of zwart, maar uiteindelijk toch wel grijs zal worden. Is het gepeupel niet als grijs genoeg geworden? Wat heb ik persoonlijk met Sinterklaas van doen? Is niet elke traditie iets wat tegen de goede smaak in is, iets wat het individu tot slaaf maakt van het verleden, iets wat de geest van het scheppende vermogen doodt, de korf wat de bijen bijeen houdt? Wil niet iedere idealist uiteindelijk dat de mens als een bijenkorf functioneert en in het eigen egoïsme de moer van het volk wil zijn; niet voor het eigen leven, maar voor de eeuwigheid?

Altijd heb ik met een bepaald scheef oog naar de atheïst gekeken; het schijnt mij namelijk voor dat de atheïst iets schijnt te weten dat de gelovige eveneens lijkt te weten: namelijk dat God bestaat voor de gelovige, maar dat God niet bestaat voor de atheïst! Er is maar één manier om God te vernietigen, simpelweg door deze uit de taal te verwijderen. Simpelweg? Maar waar naar toe; de natuur, de wereld, mijn eigen lichaam? Ken uzelve; weet wat u tot betekenis brengt! Persoonlijk kies ik voor de vrouw, zij kan ons de taal van de natuur leren; als zij ons niet meer nodig heeft, hebben wij haar niet meer nodig, zelfs het seksuele genot zal daar niet door gehinderd worden! In mijn tuin van vriendschappen zullen beelden van naakte vrouwen staan. Een renaissance maar de waarden omgekeerd? We zullen ons verblijden met het solitaire leven en anders met elkaar verbonden zijn.

Een goede strategie om de tegenstander te overbluffen is het toevoegen van betekenis, de tegenstander kent te strategie van betekenis reduceren nog niet; institutioneel racisme. Want als we samen zijn, zien we met zijn allen de bomen door het bos niet meer; we worden steeds kleinere radartjes in een steeds groter wordende klok.

We dienen ons eerst bewust te zijn welk instinct er zich achter de woorden bevinden, maar vooral, laten we ons niet misleiden door de grammatica! Achter? Moeten we niet eerst onze oren stukslaan eer we met onze ogen leren luisteren?

Vrolijke zinnen komen er in mij op, waar was ik gebleven, oh ja, zwarte piet. Weet u, justitie zal dit lezen, zeker reclasseringsambtenaar Jan-Arie van Weelie, hij weet veel van zwarte piet. Het verhaal zit zo, eigenlijk is hij een zwarte piet. In mijn kindertijd werd de roe in de ban gedaan, ik meen Piet Römer brak met de roe. Alle pieten hebben toen de roe in de ban gedaan, behalve eentje; reclasseringsambtenaar Jan-Arie van Weelie. Hij gooide niet de roe aan de kant maar de zak met cadeautjes. Zwarte piet Jan-Arie van Weelie, wie kent hem niet, het probleem is, je ziet hem bijna niet; hij is zo klein, hij komt niet boven de reling van de boot. Even tussendoor, vrolijke zinnen komen er in mij op. Ik probeer mij rechter Wijers-van der Marck zittende te Zutphen wel eens voor te stellen met leren string, grote kaplaarzen en een zweepje, want wil je aan de vrouw, vergeet niet de zweep. Daar staat ze met haar helper reclasseringsambtenaar Jan-Arie van Weelie het gezicht bedekt met een zwarte gummi masker. Die twee hebben minister Grappenhaus boven een vuurtje hangen, een spit van kont tot mond met daarin een appel. Lijkt minister Grappenhaus niet sprekend op een varken? Dat komt omdat deze twee minister Grappenhaus weggehaald hebben bij een bruiloft, minister Grappenhaus hield zich niet aan de regels. Vrolijke zinnen komen er in mij op. Ik heb tien jaar vastgezeten zonder vorm van proces, dit wordt door justitie echt wel gelezen. Ik stuur ze overigens linkjes.