Over taal in wetenschap, media en filosofie

Valse honden

Als alles tot nut is, dan wordt het leven pas echt geweldig, daar word je vrolijk van, blijkt alles wat je verkeerd hebt gedaan in positieve zin te moeten worden uitgelegd; het instinct doet, wat doen woorden ertoe? Gesteld dat je de waarden en normen hoger legt als degene die meer macht over jou hebt, dan maak je een valse hond in de mens wakker. Het is een goede gewoonte valse honden af te maken. Daar zit nu ook het probleem; al heb ik nog een ongelijk jegens de ander, op het moment dat het mijn eigen zelfbehoud betreft, is het de ander dat het loodje legt. Weerlegging dat wij mensen morele wezens zijn.

U mag niet manipuleren, u mag niet liegen, u mag geen informatie achterhouden; mijn God, wat heb ik een valse honden in de ambtelijke bureaucratie wakker gemaakt! Ai, die lat is te hoog voor rechter Wijers-van der Marck, haar hele macht hangt af van leugens en bedrog. Zonder leugen geen macht. Het is mijn eigen schuld dat ik overspannen ben geraakt, niet vanwege het gegeven dat mij geen dingen zijn aangedaan, dat is zeker zo, maar vanwege het feit dat ik buiten mijzelf ben gaan staan, het gemeenschappelijke waardebeleving in mijn leven ben gaan overnemen. Maar moet ik mij daar echt schuldig over gaan voelen? Ik ben inderdaad een keer vreemd geweest tijdens de relatie met Annelieke Bennink, maar van wie weet  deze gefrustreerde frigide uilskuiken dat? Sorry dat ik mij zo uitlaat, maar ik denk dat ik dat mag zeggen na twintig jaar.

Mijn wereld geen moordkuil meer, mijn wil is mijn wet, mijn wet is mijn wil. Mijn deugd is niet voor woorden toegankelijk, mijn waarden zal zich doen laten gelden in mijn persoonlijke levenssfeer, mijn standaard is te hoog voor de meesten, de overbodigen. Ruimte scheppen voor jezelf om het kind weer in je wakker te maken, om weer als kind de wereld te beleven, scheppend spelen, bouwen aan de eigen imaginaire orde van goed en kwaad. Waarden scheppen betekent in de regel inderdaad de waarden omkeren. We kunnen niet buiten de natuur gaan staan, ik denk dat ik daar fundamenteel anders denk als Nietzsche, kuddedieren zijn niet tegennatuurlijk, we kunnen niet tegen de natuur zijn, op zijn hoogst kunnen er smaakverschillen zijn, de meeste mensen onder ons hebben gewoon een slechte smaak.

Ik heb vandaag aangifte gedaan voor diefstal van mijn telefoon bij de politie. ‘s ochtends toen ik wakker werd was er op het Stoelenproject bij een vechtpartij om een gestolen aansteker, Diana vertelde mij dat een Irakees de hele nacht speed heeft lopen snuiven, dezelfde persoon dat geen geld heeft voor shag en een aansteker waardoor deze vechtpartij bijna uitbrak. Het is moeilijk sympathie te hebben voor het gespuis wat er rondloopt, het confronteert mij dat ik zelf ooit hulp heb gezocht, mij als hulpbehoevende heb opgesteld. Hulp heb ik eigenlijk nooit nodig gehad, ruimte voor mijzelf, ruimte om mijzelf te leren kennen, wat ben ik, want laten we eerlijk zijn, in deze deskundigendictatuur riekt de deskundige hetzelfde als het drugsgebruikende gespuis hier. Dezelfde smaak, dezelfde attitude, aandrijvingen van slechte smaak dat woorden produceert, met weinig betekenis, met weinig meer betekenis dan het dierlijke. Als je je oren stukslaat en met de ogen gaat luisteren, dan zijn de omstandigheden anders, maar je ziet hetzelfde dier, de nivellering van de afgelopen 70 jaar heeft zijn werk gedaan, van rechter tot drugsverslaafde heeft dezelfde smaak, het gezag is zelf gepeupel geworden en ik zoek een lichtpuntje; een drugsgebruiker die nog eer en zelfrespect heeft, die zich nog boven zichzelf probeert uit te tillen.

Ik had graag drie jaar geleden met een schone lei in Frankrijk willen beginnen, maar kende de mens nog niet voldoende, ik smacht naar rust, maar  de tentakels van het gespuis van justitie reikte tot Frankrijk. Het was nodig, ik kende de mens nog steeds niet goed genoeg, ver sta ik nog over kennis over mijzelf; wat van mijzelf wil ik in de dingen stoppen? Wat van mijzelf wil ik uitbreiden in de ruimte  van de dingen? Friedrich Nietzsche wil het noodzakelijke aan de dingen liefhebben, ik wist niet wat ik daarmee aan moest. Ik weet het nu wel, maar waarschijnlijk niet datgene wat Nietzsche ermee bedoelde. Het noodzakelijke, de levenloze materie met haar universele wetmatigheid, de bouwstenen voor het leven, voor in zijn ambiguïteit. De rest is de zin die wij er zelf inleggen, als we op Mars straks ons lichaam hebben uitgebreid met een ruimtestation waardoor we op een onleefbare planeet kunnen leven; hoeveel zin hebben we dan in de materie gelegd? Waarschijnlijk weinig meer dan het nut van zelfbehoud. We hebben alle kennis, techniek in huis om mensen leven te bieden, maar lijden aan een ernstige vorm van stupiditeit om het leven een esthetisch leven te geven. Als individu moet je de kudde maar blijven accepteren.